licht/donker

GIE, DEN OTTO EN IK

er was een keer, het is lang geleden
maar ik ben het niet vergeten
ik en jij

het was goesting
het was op het eerste gezicht
het was het leven
dat tot niets verplicht
zoals zweven
nooit op een doel gericht

hoe het niet moest, dat wisten we wel
voor ons was er goed weer voorspeld
en zie

ons huis van stenen
onze stapels werk
onze vrijheid
tussen paal en perk
onze kerk in het midden
en weer die stapels werk

zeg alles af voor morgen

de liefde is blind
toch het eerste jaar
toen kregen we een kind
verloren mekaar
ik heb je nog gezocht

ja, ik zocht en ik vocht
jij zwaaide en riep
maar ik was niet thuis
en jij, jij sliep
en nu en dan iemand die overliep

zeg alles af voor morgen
onze kleren heb ik gisteren ingepakt
wel, onze dromen zaten in die blauwe zak
zeg alles af voor morgen

jij, de auto en ik, enkel wij drieën
pak het stuur
we gaan rijden

geen plan, geen kaart
we reizen blind
we rijden tegen alle wijzers in
we zoeken nooit de weg
dat de weg ons maar zelf vindt

betere oorden bestaan niet echt
het is de eindmeet die zich altijd verlegt
we zijn voor eeuwig onderweg

dus zeg alles af voor morgen
onze kleren heb ik gisteren ingepakt
wel, onze dromen zaten in die blauwe zak
zeg alles af voor morgen
dus al wat er op je lippen ligt
wel, laat het liggen waar het ligt
want praten is voor morgen
praten is voor morgen
ach, zwijg over morgen

TERUG NAAR OVERZICHT